Er is de laatste tijd nogal wat te doen over robots. Ze gaan ons helpen met de zorg voor ouderen, geven onze kinderen bijles, praten ons bij over het laatste nieuws terwijl we de afwas doen, of omgekeerd, doen de afwas terwijl we lekker de krant lezen. Meestal wordt er bijgezegd dat het nog niet zo ver is, maar dat de ontwikkelingen wel heel erg snel gaan.

Nao

Maar is dat wel zo?

Een pregnant voorbeeld is de veelgeprezen documentaire "Ik ben Alice". Een aantal oudere dames krijgt een robot op bezoek (en een filmploeg), en het bijzondere schijnt te zijn dat ze daar zo leuk op reageren. De robot, Alice, is weinig meer dan een pop, die op de bank zit, een beetje in het rond kijkt, en heel af en toe wat zegt -- toevallig altijd net als de begeleider even de kamer uit is. Wie het internet doorspit vindt wel ergens dat het gaat om een Wizard of Oz-experiment (een wat verhullende manier om toe te geven dat een mens de zinnetjes intikt), maar de ontwikkelingen gaan razendsnel, en dus...

Wie even doordenkt, snapt wel dat het één ding is om een robot te maken die de kamer stofzuigt, maar dat er veel meer komt kijken bij een robot die zich in verschillende situaties min of meer intelligent kan gedragen, en ook zelfstandig dingen kan leren.

De afgelopen weken hadden we een exemplaar van Nao te logeren, zodat we zelf eens konden uitzoeken wat er nu allemaal wel en niet mogelijk is. Deze robot kan opstaan, lopen en weer gaan zitten, en als ie op zijn snuit valt (wat bij onze leenrobot nogal eens gebeurde) kan hij meestal zelf weer overeind komen. Verder kan hij spreken en luisteren via de ingebouwde tekst-naar-spraak en spraakherkenningssoftware, en hij vertoont ook enig autonoom gedrag: hij lijkt je bijvoorbeeld aan te kijken als je tegen hem praat. En wat natuurlijk het leukste is: je kunt hem vrij eenvoudig programmeren via de bijbehorende Choregraph-software.

Het volledige artikel staat op de site van Fluency.